Om de richtingaanwijzers te kunnen gebruiken, moet het contact in de stand ON staan. Beweeg de combischakelaar omhoog of omlaag (A) om de richtingaanwijzers in te schakelen.
De groene, pijlvormige controlelampjes op het instrumentenpaneel geven aan welke richtingaanwijzer in werking is.
Na het nemen van de bocht worden de lampjes automatisch uitgeschakeld.
Zet de combischakelaar handmatig terug in de middenstand als de richtingaanwijzers na een bocht blijven knipperen.
Beweeg de combischakelaar gedeeltelijk naar beneden of naar boven en houd hem vast (B) om een wisseling van rijstrook aan te geven. Als u de combischakelaar loslaat, keert deze weer terug naar zijn oorspronkelijke positie.
Wanneer een controlelampje blijft branden, niet knippert of abnormaal knippert, kunnen één of meer lampen doorgebrand zijn en moeten deze worden vervangen.
Impulsbediening richtingaanwijzers bij rijstrookwisseling (indien van toepassing)
Om de impulsbediening van de richtingaanwijzers bij rijstrookwisseling te activeren, beweegt u de combischakelaar iets en laat hem dan weer los. De richtingaanwijzers knipperen 3 ~ 7 keer. U kunt het knipperinterval wijzigen bij de verlichting onder Gebruikersinstellingen
OPMERKING Als de richtingaanwijzer abnormaal snel of langzaam knippert, duidt dit op een kapotte lamp of een slecht contact in het circuit van de richtingaanwijzers.
Mercedes-Benz A-Klasse. Opbergruimte onder bagageruimtebodem
Belangrijke veiligheidsaanwijzingen
WAARSCHUWING Als met geopende bagageruimtebodem wordt gereden, kunnen
er voorwerpen rondvliegen en daarbij inzittenden
treffen. Er bestaat gevaar ...
Peugeot 108. Snelheidsbegrenzer (PureTech 82-motor)
De snelheidsbegrenzer voorkomt dat de auto de door de bestuurder ingestelde
maximumsnelheid overschrijdt.
Het inschakelen van de snelheidsbegrenzer geschiedt handmatig en is bij
elke snelheid van ...
Mercedes-Benz A-Klasse. Oliepeil met oliepeilstaaf controleren
WAARSCHUWING Bepaalde onderdelen in de motorruimte kunnen zeer heet
zijn, bijvoorbeeld de motor, radiateur en onderdelen van
het uitlaatsysteem. Bij werkzaamheden in de motorruimte
...