(voor bepaalde versies/markten)
Met deze voorziening wordt de snelheid van het voertuig beperkt tot waarden die door de bestuurder ingesteld kunnen worden.
De maximumsnelheid kan zowel bij rijdend als bij stilstaand voertuig worden ingesteld. De minimumsnelheid die ingesteld kan worden is 30 km/h.
Wanneer het systeem actief is, hangt de snelheid van het voertuig van de druk op het gaspedaal af, tot de geprogrammeerde snelheidslimiet wordt bereikt (zie paragraaf "Snelheidslimiet programmeren").
HET SYSTEEM INSCHAKELEN
Om het systeem in te schakelen, ring C (fig. 92) naar de
positie.
Wanneer het apparaat is ingeschakeld, wordt dit aangeduid door het
symbool dat wordt getoond op het display samen met de laatst ingestelde
snelheid (fig. 93, 94).
SNELHEIDSLIMIET PROGRAMMEREN
Schakel de speed limiter in door ring C naar de
positie te draaien.
De snelheidslimiet kan geprogrammeerd worden zonder het systeem in te hoeven schakelen.
Om een snelheidswaarde hoger dan weergegeven op te slaan.
Draai ring B fig. 92 naar boven (SET + positie). Bij het loslaten van ring B, neemt de snelheid met 1 km/h toe.
Door het in de SET + positie te houden, neemt de snelheid voortdurend toe in stappen van 5 km/u.
Om een snelheidswaarde lager dan weergegeven op te slaan.
Draai ring B omlaag (SET- positie).
Bij het loslaten van ring B, neemt de snelheid met 1 km/h af. Door het in de SET - positie te houden, neemt de snelheid voortdurend af in stappen van 5 km/u.
INSCHAKELING/UITSCHA KELING SYSTEEM
Het systeem inschakelen:
De functie wordt geactiveerd met de huidige snelheid ingesteld als de
snelheidslimiet. Wanneer het apparaat is ingeschakeld, wordt dit aangeduid
door het symbool dat wordt getoond op het display samen met de laatst
ingestelde snelheid.
Het systeem uitschakelen: druk op de CANC/RES A knop fig. 92.
Uitschakeling van het apparaat wordt aangeduid door de instelling die vervangen wordt door het woord CANC.
Het systeem uitschakelen:
DE GEPROGRAMMEERDE SNELHEID OVERSCHRIJDEN
Als het gaspedaal volledig wordt ingetrapt, kan de geprogrammeerde snelheid overschreden worden, ook als het systeem is ingeschakeld (bijv. om in te halen).
Het systeem is uitgeschakeld tot de snelheid onder de ingestelde limiet zakt, daarna wordt het weer automatisch ingeschakeld.
KNIPPEREN VAN DE GEPROGRAMMEERDE SNELHEID
In de volgende gevallen gaat de geprogrammeerde snelheid knipperen:
HET SYSTEEM UITSCHAKELEN
Om het systeem uit te schakelen, ring C fig. 92 naar de 0 positie draaien.
Automatisch uitschakelen van systeem
Het systeem wordt automatisch uitgeschakeld in geval van een systeemstoring. Neem in dat geval contact op met het Fiat Servicenetwerk.
DE OPGESLAGEN SNELHEID VERHOGEN
Met de Speed Limiter ingeschakeld en door op de knop A CANC/RES fig. 92 te drukken bij een hogere snelheid dan de ingestelde waarde, zal het motorkoppel worden beperkt zoals vereist om die waarde te bereiken, indien deze waarde niet bereikt is binnen 20 seconden na het indrukken van de knop.
Hyundai i10. Rijden in de regen
Regen en natte wegen kunnen rijden gevaarlijk
maken. Let op de volgende aandachtspunten
als rijden in de regen of op
nat wegdek pavement:
Rij voorzichtig en laat neem voldoende
afstand va ...
Mercedes-Benz A-Klasse. Belangrijke veiligheidsaanwijzingen
In de hiernavolgende tekst heeft het begrip "schuifdak"
betrekking op het panoramaschuifdak.
WAARSCHUWING Bij het openen en sluiten kunnen lichaamsdelen in het
bewegingsg ...
KIA Picanto. Afstelpunt
Koplamp dimlicht (LHD voertuig)
1. Stel het dimlicht af zonder dat de bestuurder in de auto zit.
2. De knik moet worden geprojecteerd op de plaats van de knik in de afbeelding. ...